Keereweer Advocaten

Afstaan van DNA voor strafrechtelijke DNA-onderzoeken

Het onderwerp ‘DNA onderzoeken’ is met de strafzaak over de moord op Nicky Verstappen actueler dan ooit.

Wanneer kan om uw DNA worden verzocht, wanneer moet u meewerken en hoe werkt het onderzoek? Onderstaand artikel zal antwoord geven op deze vragen.

Wanneer moet u DNA afstaan?

Er zijn grofweg situaties waarin u gevraagd kan worden om DNA af te staan:

  • na veroordeling;
  • tijdens het vooronderzoek;
  • bij een verwantschapsonderzoek

Deze drie gevallen zullen onderstaand besproken worden.

1. Na veroordeling

Als u onherroepelijk veroordeeld wordt voor een strafbaar feit waar voorlopige hechtenis voor mogelijk is, dan wordt u vervolgens verplicht om DNA te komen afstaan. U bent onherroepelijk veroordeeld als de rechter vonnis heeft gewezen en u niet in hoger beroep bent gegaan, of als u een strafbeschikking van de officier van justitie hebt geaccepteerd en het niet aan de rechter hebt laten voorleggen. Het afstaan van DNA gaat meestal door middel van afname van wangslijm. Dat gebeurt door met een wattenstaafje wat slijm aan de binnenkant van de wang weg te halen. Het DNA wordt dan opgeslagen in een DNA-databank. Wie een oproep om DNA af te staan negeert, kan worden aangehouden. Als er onduidelijkheid is over uw identiteit, mag u ten hoogste zes uren worden meegenomen naar het politiebureau, met dien verstande dat de tijd tussen middernacht en negen uur 's ochtends niet wordt meegerekend.

Feiten waarvoor voorlopige hechtenis is toegestaan, zijn over het algemeen misdrijven waar een gevangenisstraf van meer dan 4 jaar op staat (bijvoorbeeld winkeldiefstal, overval, straatroof, verduistering, mishandeling, zeden (verkrachting, ontucht), moord- en doodslag etc.), maar het kan ook om bij wet vastgestelde andere misdrijven gaan, zoals bijvoorbeeld misdrijven tegen de openbare orde, vernieling etc. Tevens kan iemand zonder vaste woon- of verblijfplaats in voorlopige hechtenis worden gesteld. Als u in voorlopige hechtenis wordt gesteld, betekent dat dat u, nadat u vaak 3 dagen op het politiebureau heeft doorgebracht, uw verdere voorarrest in een huis van bewaring moet afwachten. De rechter-commissaris oordeelt vervolgens of u in voorarrest moet blijven.

Bewaartermijn

Na afname mag uw DNA voor een bepaalde termijn opgeslagen blijven in de DNA-databank. In onderstaand overzicht ziet u hoelang de bewaartermijn is:

Maximale gevangenisstraf genoemd in de wet Bewaartermijn
6 jaar of langer 30 jaar
Minder dan 6 jaar 20 jaar

Indien u in de tussentijd opnieuw veroordeeld wordt, dan zal de bewaartermijn worden verlengd. Gedurende die termijn kan het OM bij het opsporen van misdrijven uw DNA-profiel vergelijken met dadersporen.

2. Tijdens het vooronderzoek

De officier van justitie kan, ambtshalve of op verzoek van de verdachte in het belang van het onderzoek, een DNA-onderzoek dat gericht is op het vergelijken van DNA-profielen laten verrichten. In beginsel moet de verdachte of een derde (een ander dan de verdachte) schriftelijke toestemming geven voordat DNA mag worden afgenomen. Als het echter om een misdrijf gaat waar voorlopige hechtenis voor is toegestaan, dan kan de officier van justitie ook zonder toestemming van de verdachte een DNA-onderzoek van die verdachte bevelen. Als er DNA wordt afgenomen en er blijkt geen match te zijn, dan moet uw DNA worden vernietigd.

Bezwaar tegen opslaan DNA-profiel

Tegen de DNA-afname is geen bezwaar mogelijk. U kunt echter wel bezwaar maken tegen het bepalen en verwerken van uw DNA-profiel (feitelijk het opslaan van uw DNA in de database). Let op: u dient binnen 2 weken na de afname bezwaar te maken. Neem daarom zo snel mogelijk contact op met een advocaat indien u bezwaar wilt maken. Als de rechter het bezwaar toekent, geeft hij het NFI (Nederlands Forensisch Instituut) opdracht het materiaal te vernietigen.

3. Bij een verwantschapsonderzoek

Een DNA-verwantschapsonderzoek is een onderzoek waarmee aangetoond kan worden of er een familiaire band bestaat tussen personen. In het strafrechtelijk onderzoek kan worden gekeken of degene die het DNA-materiaal afstaat familie is van degene van wie DNA-sporen (bijvoorbeeld op een slachtoffer) zijn gevonden. Actief forensisch DNA-verwantschapsonderzoek mag alleen worden toegepast bij misdrijven waarop een gevangenisstraf van acht jaar of meer staat en bij een beperkt aantal ernstige gewelds- en zedenmisdrijven, waarvoor ten minste zes jaar gevangenisstraf staat.

Doordat deelname aan grootschalig DNA-onderzoek vrijwillig is, kan het gebeuren dat de eigenaar van een spoor niet geneigd is om mee te doen aan een dergelijk onderzoek. Door een grootschalig DNA-onderzoek worden niet alleen matches gevonden met de eigenaar van een spoor zelf, maar ook met personen die aan hem verwant zijn. Mannen geven een specifiek stukje DNA door aan hun zoon (Y-chromosomaal DNA ligt op het Y-chromosoom en erft daardoor onveranderd over van vader op zoon). Dat stukje DNA is dus bij alle mannen, die via de mannelijke lijn verwant zijn, hetzelfde (het zogenoemde Y-chromosomale DNA-profiel). Als er een match wordt gevonden tussen het DNA op bijvoorbeeld een slachtoffer van een strafrechtelijk delict en iemand die zijn DNA heeft afgestaan, dan is de kans erg groot dat een van de mannelijke familieleden betrokken is geweest hij het delict. Een DNA- verwantschapsonderzoek bij vrouwen is minder goed mogelijk, dan bij mannen. Indien er een match is tussen het op het spoor aangetroffen Y-chromosomale DNA-profiel en het Y-chromosomale DNA-profiel van iemand die (al dan niet vrijwillig) DNA heeft afgestaan, dan zullen de mannelijke familieleden van deze man als verdachten worden gezien. Vaak zijn er andere omstandigheden, die maken dat een specifiek persoon uit de familie als verdachte kan worden aangemerkt. Bijvoorbeeld omdat hij in de buurt woonde van het slachtoffer, of op andere wijze een connectie tot het slachtoffer heeft (via werk, hobby etc). Uiteraard wordt degene die als verdachte wordt aangemerkt niet gelijk als de dader gezien. Er moet meer bewijs zijn dat degene wiens DNA is aangetroffen ook daadwerkelijk de dader is.

In de spraakmakende zaak over Nicky Verstappen is een grootschalig DNA-verwantschapsonderzoek verricht. Het op de jas van Nicky aangetroffen daderspoor was afkomstig van een man (mannelijk DNA). Omdat er geen verdachte werd gevonden, is besloten tot een grootschalig DNA-verwantschapsonderzoek. Er is aan een groot aantal mannen gevraagd om vrijwillig DNA af te staan. Er is toen daadwerkelijk een match gevonden. Nadien kon er een verdachte man in beeld worden gebracht. Deze man was kort na de vondst van de jongen langs de plaats delict gefietst en beweerde in de nachtelijke uren scoutingpost aan het bezorgen te zijn. Een vreemd verhaal, maar desondanks werd hij destijds niet als verdachte aangewezen.

Waarom DNA afstaan en wat gebeurt er met uw vrijwillig afgegeven DNA?

Indien u aan een DNA-verwantschapsonderzoek meewerkt, dan dient u er van bewust te zijn dat er een kans bestaat dat u belastend bewijs aflegt tegen een familielid. Op basis van uw DNA-profiel is er een kans aanwezig, dat een familielid als verdachte wordt aangemerkt. In pijnlijke strafzaken is het natuurlijk voor slachtoffers/nabestaanden een verademing als duidelijkheid verschaft wordt over wie mogelijk het delict heeft gepleegd. In de zaak over Nicky Verstappen zijn de ouders jarenlang in onzekerheid gebleven over wie hun zoontje om het leven had gebracht. Doordat er nu eindelijk een match is gevonden tussen het aangetroffen DNA en een familielid van verdachte Jos Brecht, hebben de ouders het vooruitzicht dat de strafzaak opgelost zal worden.

Indien u vrijwillig DNA afstaat ten behoeve van een DNA-verwantschapsonderzoek, zal het DNA echt alleen gebruikt worden voor het onderzoek waarvoor u DNA afstaat. In de zaak over Nicky Verstappen is dus alleen gekeken of uw afgegeven DNA een match oplevert met het DNA dat op de jas van Nicky is aangetroffen. Er wordt dus niet gekeken of er mogelijk in een ander strafrechtelijk onderzoek DNA is gevonden, dat overeenkomst met uw DNA.

U hoeft ook niet bang te zijn dat uw DNA opgeslagen wordt en later weer tegen u gebruikt kan worden. Indien er geen match gevonden wordt tussen uw DNA en het DNA dat is aangetroffen bij het slachtoffer, dan zal uw DNA vernietigd worden. Uw vrijwillig afgegeven DNA blijft dus niet bewaard, zoals dat wel het geval is indien u bent veroordeeld voor een strafrechtelijk delict en u in dat kader DNA hebt moeten afstaan.

AVG

DNA-profielen en ook het celmateriaal waaruit DNA-profielen worden vervaardigd, beschouwt men als persoonsgegevens. Dit maakt de DNA-databank tot een databank waarin persoonsgegevens worden verwerkt en waarop de AVG van toepassing is. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) houdt toezicht op de naleving van de privacywetgeving.

Wilt u bezwaar maken tegen het opslaan van uw DNA-profiel, of hebt u andere vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem dan contact op met Laraine da Silva, advocaat (jeugd)strafrecht.

Lees meer artikelen